Grote of St. Janskerk hoofdorgel

Hoofdorgel
Koororgel
Kerkgegevens
Kerkrestauratie-exterieur
Kerkrestauratie-interieur

De oudste vermelding van een orgel dateert uit 1498, toen Allaert Dirckz. werd herbenoemd tot organist in de Grote Kerk.
Rond 1550 bouwde de in zijn tijd befaamde orgelbouwer Hendrik Nijhoff een nieuw instrument. Van dit orgel resten nog de kassen van het hoofdwerk en rugpositief. Aan het einde van de 17e eeuw is het orgel uitgebreid met twee pedaal-of zijkassen, in de 18 e eeuw is het nog bestaande lofwerk aangebracht. Alleen de orgelkas is van oude datum. De voorlaatste ingrijpende wijziging vond plaats in het begin 19e eeuw, toen de orgelbouwer Standaart te Rotterdam in de bestaande kassen een geheel nieuw orgel bouwde.
De frontpijpen van het hoofd-en rugwerk, een register Quintadeen en een aantal pijpen van het register Octaaf 4' in het pedaal bleven gehandhaafd.

 

 

 

 


In 1970 besloot de hervormde gemeente om een nieuw orgel te laten bouwen en dank zij de financiλle steun van een instelling kon men tot aankoop overgaan.
in 1971 werd aan Flentrop Orgelbouw B.V. te Zaandam de opdracht gegeven. In 1975 werd het instrument opgeleverd. Qua klank sluit het nieuwe instrument zoveel mogelijk aan bij de oud-nederlandse traditie. Daartoe is o.a. het pijpwerk vervaardigd uit orgelmetaal met een hoog loodgehalte.
In 1994 vond een her-intonatie en een verandering van stemming van het instrument plaats.
De Werkmeister-III stemming werd vervangen door een gelijkzwevende stemming, de winddruk werd verlaagd en intonatiecorrecties werden uitgevoerd.
Deze werkzaamheden werden verricht door Flentrop Orgelbouw onder adviseurschap van ir. H. Kooiker.
De her-ingebruikname vond plaats op 29 juli 1994.

In 2006 werd door Herman Pelgrim een Cymbelster geplaatst.

In 2011 is er door de firma Van Den Heuvel groot onderhoud uitgevoerd in samenwerking met Herman Pelgrim. Het pedaal werd uitgebreid met een nieuw gemaakte Roerquint 12' en een prestant 16' afkomstig uit het orgel van de Magnalia Dei Kerk te Schiedam. Er zijn plannen om in de toekomst nog een Fagot 32΄ op het pedaal toe te voegen.

Begin 2012 werd de uitbreiding met het pedaalregister Fagot 32’ gerealiseerd. Op de nieuwe mechanische laden achter de oude pedaalkassen werd op de gereserveerde sleep een Fagot 32’ geplaatst.
Deze opdracht kon worden gegeven toen in november 2011 genoeg geld was ingezameld.
De werkzaamheden vonden plaats onder advies van de Schiedamse orgelbouwer Herman Pelgrim. Tijdens het Koninginnedagconcert van 2012 werd de Fagot 32’ officieel in gebruik genomen. (01)

Op de foto's hierboven zijn de toegevoegde registertrekkers te zien, tevens zijn de knoppen schoongemaakt, opnieuw gelakt en aan de voorzijde voorzien van witte plaatjes met nummering (Foto Jan van Roon) (02)

De dispositie luidt na de wijzigingen van 2006, 2011 en 2012: 

Hoofdwerk (man. II) 

Rugwerk (man. I) 

Bovenwerk (man. III) 

Pedaal

Prestant 16’ 

Prestant 8’ 

Baarpijp 8’ 

Prestant 16'

Octaaf 8’ 

Gedekt 8’

Quintadeen 8’ 

Bourdon 16’

Holpijp 8’ 

Prestant 4’ 

Roerfluit 4’ 

Roerquint 12'

Octaaf 4’

Octaaf 2’

Nazard 3’

Prestant 8’

Fluit 4’ 

Sesquialter 2 sterk bas/ disc. 

Woudfluit 2’

Bourdon 8’

Quint 3’ 

Mixtuur 4-5- st. 

Tertiaan 1 3/5’

Roerquint 6’

Octaaf 2’

Dulciaan 8’

Flageonet 1’ 

Octaaf 4’

Mixtuur 4-5-st.

Tremulant 

Vox Humana 8’ 

Mixtuur 5- st.

Scherp 4- st. 

  Tremulant  Fagot 32'

Cornet 5- st.

   

Bazuin 16’

Trompet 8’

   

Trompet 8’

Trompet 16’

   

Klaroen 4’

Koppelingen:
HW-RW
HW-BW 
Ped-HW
Ped-RW

Cymbelster door Herman Pelgrim (2006)

Tijdens de restauratie tot 2002 was het orgel ingepakt in een luchtdichte "plastic zak" met overdruk, zodat stofdeeltjes niet tot het orgel konden doordringenBronnen: 

 

 

 

Foto's Jan van Roon (03)




Hoofdorgel
Koororgel
Kerkgegevens
Kerkrestauratie-exterieur
Kerkrestauratie-interieur